ECLI:NL:HR:2022:385
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak
In deze zaak heeft belanghebbende cassatieberoep ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant inzake een belastinggeschil. De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft advies uitgebracht over de ontvankelijkheid en gegrondheid van het beroep. Op basis hiervan heeft de Hoge Raad besloten het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren, conform artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarnaast heeft de Hoge Raad besloten dat er geen aanleiding is om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is uitgesproken door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, en is openbaar gemaakt op 18 maart 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling.