ECLI:NL:HR:2023:1100
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vermindert boetes wegens overschrijding redelijke termijn in belastingzaak
Belanghebbende heeft cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake diverse belastingaanslagen, boetes en rente over de jaren 2009 tot en met 2013. De Hoge Raad heeft de klacht over het hofarrest beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leidt tot vernietiging van de uitspraak, maar heeft het hofarrest deels vernietigd voor zover het de hoogte van bepaalde boetes betreft.
De cassatieprocedure kende een overschrijding van de redelijke termijn van minder dan zes maanden. Hoewel belanghebbende geen vergoeding voor immateriële schade heeft gevraagd, heeft de Hoge Raad besloten de boetes die meer dan € 1.000 bedragen met 5% te verminderen vanwege deze termijnoverschrijding. Boetes onder € 1.000 worden niet verminderd, omdat een verhoging in cassatie niet mogelijk is en de vastgestelde schending van artikel 6 EVRM Pro daarmee voldoende gecompenseerd is.
De Hoge Raad heeft geen proceskosten aan belanghebbende toegekend en heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard, met uitzondering van de vermindering van de boetes. Dit arrest is op 18 augustus 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard, maar de boetes boven € 1.000 zijn met 5% verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn.