Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
1 september 2023.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de verkoper cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam dat de verkoper aansprakelijk hield voor non-conformiteit van de verkochte zaak. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen en het arrest van het hof en beoordeelt de klachten van de verkoper over het oordeel van het hof. De Hoge Raad oordeelt dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest en dat het niet nodig is om de motivering nader toe te lichten omdat het niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
De zaak betreft een koopovereenkomst waarbij de koper non-conformiteit heeft gesteld op grond van artikel 7:17 BW Pro. De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat de verkoper gehouden is aan zijn stelplicht en bewijslast ten aanzien van de conformiteit van de zaak. De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en veroordeelt de verkoper in de kosten van het geding in cassatie.
De uitspraak is gedaan door de civiele kamer van de Hoge Raad op 1 september 2023, waarbij de raadsheren Tanja-van den Broek, Sieburgh en Makkink het arrest hebben gewezen en raadsheer Lock het arrest in het openbaar heeft uitgesproken. De kosten aan de zijde van de koper zijn vastgesteld op €3.057,-- exclusief wettelijke rente.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verkoper wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.