ECLI:NL:HR:2023:383

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 maart 2023
Publicatiedatum
10 maart 2023
Zaaknummer
22/00808
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 94a SvArt. 552a Sv
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake beslag op auto in witwasonderzoek

Klaagster heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Den Haag van 22 februari 2022 betreffende beslag op een auto in het kader van een strafrechtelijk financieel onderzoek naar witwassen en gewoontewitwassen.

De Hoge Raad heeft de klachten van klaagster beoordeeld, waaronder de vraag of de rechtbank terecht oordeelde dat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld dat klaagster eigenaar was van de auto, en of de rechtbank had moeten beslissen op een voorwaardelijk verzoek tot nader onderzoek naar inruil van een andere auto bij aankoop van de inbeslaggenomen auto.

De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om op deze vragen in te gaan omdat deze niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het beroep wordt derhalve verworpen zonder nadere motivering.

De beschikking is uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer van de Hoge Raad, waarmee de beslissing van de rechtbank in stand blijft.

Uitkomst: Het cassatieberoep van klaagster wordt verworpen en de beschikking van de rechtbank blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/00808 B
Datum14 maart 2023
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Den Haag van 22 februari 2022, nummer RK 21/2436, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klaagster],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980,
hierna: de klaagster.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klaagster. Namens deze heeft I.A. van Straalen, advocaat te 's‑Gravenhage, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de klaagster heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
14 maart 2023.