Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaat van [verzoekster] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
6 september 2024.
Hoge Raad
In deze zaak heeft verzoekster B.V. cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam, waarin een vordering werd aangemerkt als steunvordering in het kader van faillissementsrecht. De procedure omvatte eerdere beslissingen van de rechtbank Noord-Holland en het gerechtshof Amsterdam. De advocaat-generaal heeft geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen, waarop verzoeksters advocaat schriftelijk heeft gereageerd.
De Hoge Raad heeft de klachten van verzoekster beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest. Daarbij heeft de Hoge Raad geen motivering gegeven, omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep van verzoekster verworpen. Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer A.E.B. ter Heide op 6 september 2024.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het gerechtshof.