ECLI:NL:HR:2024:1391

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 oktober 2024
Publicatiedatum
3 oktober 2024
Zaaknummer
22/03234
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 416.2 SvArt. 311.1 Sr
Verwijzingen
6 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep medeplegen poging tot diefstal

De verdachte werd door het hof Amsterdam veroordeeld voor medeplegen van poging tot diefstal door braak. Tegen dit arrest stelde verdachte hoger beroep in. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat volgens het hof geen schriftuur met grieven was ingediend namens verdachte.

De Hoge Raad oordeelt echter dat het hof ten onrechte dit oordeel heeft gegeven. Uit een bijzondere schriftelijke volmacht die aan de stukken was gehecht, blijkt dat namens verdachte wel tijdig schriftuur met grieven is ingediend. Hierdoor is het oordeel van het hof niet begrijpelijk en onjuist.

De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe berechting en afdoening van het hoger beroep op de bestaande stukken. De advocaat-generaal had ook geconcludeerd tot vernietiging en terugwijzing.

Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en uitgesproken in openbare terechtzitting op 8 oktober 2024.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting van het hoger beroep.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/03234
Datum8 oktober 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 17 augustus 2022, nummer 23-001391-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.G.C. van Riet, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal P.M. Frielink heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel keert zich tegen de niet-ontvankelijkverklaring door het hof van het door de verdachte ingestelde hoger beroep.
2.2
Het cassatiemiddel is gegrond. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
8 oktober 2024.