ECLI:NL:HR:2024:1473
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Rechtbank over onroerendezaakbelasting 2022 gemeente Schiedam
Belanghebbende, een B.V., maakte beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam inzake een opgelegde aanslag onroerendezaakbelasting voor het jaar 2022 door de gemeente Schiedam.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van de Rechtbank. Daarbij is overwogen dat het niet noodzakelijk is om de motivering te geven, omdat de klachten geen vragen van belang voor de eenheid of ontwikkeling van het recht bevatten, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Advocaat-Generaal had eerder geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het cassatieberoep. De Hoge Raad volgt dit advies en ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is uitgesproken door de vice-president en vier raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, op 18 oktober 2024. Hiermee blijft de aanslag onroerendezaakbelasting voor 2022 onverminderd van kracht.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de aanslag onroerendezaakbelasting 2022 blijft gehandhaafd.