ECLI:NL:HR:2024:1733

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 december 2024
Publicatiedatum
22 november 2024
Zaaknummer
23/04133
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 310 SrArt. 416 lid 1 sub a SrArt. 359 lid 6 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende motivering onvoorwaardelijke gevangenisstraf

In deze strafzaak tegen de verdachte, geboren in 1995, heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden een onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd wegens diefstal en opzetheling. De verdachte stelde cassatie in tegen dit arrest. De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest, maar uitsluitend met betrekking tot de strafoplegging.

De Hoge Raad oordeelde dat het hof niet in het bijzonder de redenen heeft gegeven die hebben geleid tot het opleggen van de onvoorwaardelijke gevangenisstraf, zoals vereist op grond van artikel 359 lid 6 Sv Pro. Dit gebrek aan motivering maakt dat het cassatiemiddel slaagt.

Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging en wijst de zaak terug naar het hof Arnhem-Leeuwarden voor een nieuwe berechting en beslissing over de straf. Het overige beroep wordt verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 17 december 2024.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest wegens onvoldoende motivering van de onvoorwaardelijke gevangenisstraf en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/04133
Datum17 december 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 oktober 2023, nummer 21-002525-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A. Darrazi, advocaat in Breda, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt onder meer dat het hof heeft verzuimd in het bijzonder de redenen op te geven die hebben geleid tot het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt in zoverre. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 1, 6, 7 en 12. Dat brengt mee dat bespreking van het restant van het cassatiemiddel niet nodig is.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak ten aanzien daarvan opnieuw wordt berecht en afgedaan;
- verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
17 december 2024.