ECLI:NL:HR:2025:1749
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verplichting tot betaling van griffierecht en een termijn van vier weken gesteld voor betaling.
Hoewel de brief is ontvangen, is het griffierecht niet voldaan. De Hoge Raad heeft belanghebbende vervolgens via het digitale dossier en e-mail in de gelegenheid gesteld om te reageren op de niet-betaling, maar belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is uitgesproken door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad op 21 november 2025.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.