ECLI:NL:HR:2025:341
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in geschil over onroerendezaakbelasting en watersysteemheffing
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een beschikking van het dagelijks bestuur van de Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland werd behandeld. De beschikking betrof aanslagen in de onroerendezaakbelastingen en de watersysteemheffing voor het jaar 2020, gebaseerd op de Wet waardering onroerende zaken.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof. Er was geen noodzaak om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de klachten niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 28 februari 2025.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende is ongegrond verklaard.