ECLI:NL:HR:2025:407

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 maart 2025
Publicatiedatum
14 maart 2025
Zaaknummer
24/00285
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287 Sr
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt medeplegen doodslag tijdens woningoverval met messteken

In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van doodslag tijdens een woningoverval waarbij een medeverdachte het slachtoffer meermalen met een mes stak. De rechtbank sprak verdachte vrij, maar het gerechtshof Den Haag veroordeelde hem tot medeplegen van doodslag.

De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van verdachte tegen het arrest van het hof. Het cassatiemiddel richtte zich op de bewezenverklaring en de kwalificatie van medeplegen doodslag. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad oordeelde dat het hof voldoende en toereikend heeft gemotiveerd dat verdachte voorwaardelijk opzet had op doodslag en een bijdrage van voldoende gewicht leverde. Dit blijkt uit zijn initiatief tot de overval, het voorzien in een mes voor medeverdachte, het niet ingrijpen tijdens het steken, en de nauwe samenhang tussen zijn rol in voorbereiding en uitvoering. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het hof.

Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte voor medeplegen van doodslag tijdens een woningoverval.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/00285
Datum18 maart 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 25 januari 2024, nummer 22-002123-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over de bewezenverklaring van de onder 1 tenlastegelegde doodslag.
2.2
De bewezenverklaring, de bewijsvoering en de kwalificatie zijn weergegeven in de uitspraak van het hof, die is gepubliceerd op rechtspraak.nl onder ECLI:NL:GHDHA:2024:97.
2.3
Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 2.2 tot en met 2.8.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
18 maart 2025.