ECLI:NL:HR:2025:928
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake onroerendezaakbelasting gemeente Den Haag
Belanghebbende heeft bij de Hoge Raad beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 12 september 2024, waarin het hoger beroep van belanghebbende en de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag werd behandeld over een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en de aanslag onroerendezaakbelasting 2022.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze geen aanleiding geven tot vernietiging van het arrest van het hof. Omdat de klachten niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, is geen nadere motivering gegeven.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 13 juni 2025 in het openbaar gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Den Haag bevestigd.