Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
17 maart 2026.
Hoge Raad
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor medeplegen van valsheid in geschrift door het gebruik van een vervalst document, namelijk een verklaring omtrent gezinsinschrijving in het bevolkingsregister van een Spaanse plaats, bij de aanvraag van een verblijfsvergunning.
Het hof oordeelde dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans had aanvaard dat bij de aanvraag een vervalst document was gevoegd, omdat van aanvragers mag worden verwacht dat zij de authenticiteit van bijlagen controleren en verdachte de aanvraag inclusief bijlagen had ondertekend en ingediend.
De verdediging voerde aan dat verdachte de Nederlandse taal niet machtig was, hulp had gekregen bij de aanvraag en niet wist dat de bijlagen vervalst waren, waardoor opzet ontbrak.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat het enkele feit dat verdachte niet de vereiste zorgvuldigheid betrachtte, betekent dat hij bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat het document vervalst was. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering voorwaardelijk opzet en wijst zaak terug voor hernieuwde behandeling.