ECLI:NL:HR:2026:541
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak over aanslag 2019
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hoger beroep tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland werd behandeld. De zaak betreft de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2019 en de daarbij gegeven beschikking inzake belastingrente.
De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en daarbij ook het advies van de procureur-generaal betrokken. Gelet op de aard van de klachten en de inhoud van de eerdere uitspraken, is het cassatieberoep duidelijk niet kansrijk.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad daarom het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 27 maart 2026 in het openbaar gewezen door de vice-president en twee raadsheren.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere motivering.