ECLI:NL:OGEAA:2017:155
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen pensioenverevening op grond van redelijkheid en billijkheid na ontbinding huwelijk
De man en de vrouw waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen, maar hun huwelijk werd in 1995 ontbonden. De man vorderde de helft van de contante waarde van het ouderdoms- en nabestaandenpensioen van de vrouw, opgebouwd tijdens het huwelijk. De vrouw verzette zich tegen deze verdeling en stelde dat dit in strijd was met de redelijkheid en billijkheid.
De rechtbank overwoog dat pensioenrechten tot de huwelijksgemeenschap behoren en in principe verdeeld dienen te worden. Echter, de rechter heeft ruime beoordelingsvrijheid en kan op grond van redelijkheid en billijkheid afzien van pensioenverdeling. De vrouw stelde dat haar inkomen, inclusief pensioen en AOV-uitkering, onder het bestaansminimum ligt, dat een deel van haar pensioenpremie na ontbinding huwelijk is betaald, dat de man zijn pensioen heeft afgekocht, een eigen bedrijf heeft en samenwoont met een partner die inkomen heeft.
Gezien deze omstandigheden oordeelde de rechtbank dat de financieel-economische positie van de man aanzienlijk beter is dan die van de vrouw, waardoor pensioenverdeling onredelijk zou zijn. Daarom wees de rechtbank de vordering van de man af en veroordeelde hem in de kosten van de procedure, die nihil werden gesteld.
Uitkomst: De vordering van de man tot pensioenverevening wordt afgewezen wegens strijd met redelijkheid en billijkheid.