ECLI:NL:HR:1981:AG4271
Hoge Raad
- Cassatie
- Ras
- Snijders
- Royer
- Martens
- de Groot
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over waardering aandelen en pensioenrechten bij scheiding van tafel en bed
In deze zaak staat de verdeling van de gemeenschap tussen partijen na scheiding van tafel en bed centraal, met name de waardering van aandelen in een N.V., onroerend goed en pensioenrechten. De vrouw betwistte de toekenning van pensioenaanspraken en de waardering van de aandelen en onroerend goed. De rechtbank stelde de waarde van het aandelenpakket vast op ƒ 254.000,-- op een going-concernbasis, en bepaalde de verkoopwaarde van het onroerend goed en de inboedel.
Het hof bevestigde grotendeels deze waarderingen, maar wijzigde de waarde van het woonhuis naar ƒ 132.000,-- en wees op het belang van een waardering in onbewoonde staat. Het hof oordeelde dat pensioenrechten niet in de verdeling konden worden betrokken omdat deze te nauw aan de persoon van de rechthebbende verbonden zouden zijn.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof voor wat betreft de pensioenrechten en oordeelde dat deze in beginsel via verrekening in de verdeling van de gemeenschap moeten worden betrokken, tenzij bijzondere omstandigheden zich daartegen verzetten. Tevens stelde de Hoge Raad dat het hof onvoldoende gemotiveerd had waarom het zich aansloot bij bepaalde waarderingen en dat het hof onterecht beslissingen nam over geschillen die niet in het proces-verbaal van zwarigheden waren opgenomen. De zaak werd terugverwezen voor hernieuwde behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: De zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling waarbij pensioenrechten via verrekening in de verdeling moeten worden betrokken.