ECLI:NL:OGEAA:2019:640

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
1 oktober 2019
Publicatiedatum
14 oktober 2019
Zaaknummer
AUA201902428
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens gewichtige reden na ontslag op staande voet

Verzoekster, een naamloze vennootschap, heeft de arbeidsovereenkomst met verweerster laten ontbinden wegens gewichtige redenen, namelijk onregelmatigheden met contant geld die leidden tot ontslag op staande voet op 14 december 2018.

Verweerster heeft de nietigheid van het ontslag ingeroepen, maar is niet verschenen bij de zittingen en heeft geen verweerschrift ingediend. Het gerecht heeft het verzoek van verzoekster als niet-weersproken beoordeeld.

Het gerecht heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden met ingang van 15 oktober 2019, indien en voor zover de overeenkomst nog bestaat, en heeft verweerster veroordeeld in de proceskosten. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens gewichtige redenen met ingang van 15 oktober 2019 en verweerster wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

Beschikking van 1 oktober 2019
E.J. no. AUA201902428.
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
de naamloze vennootschap
GREEN PASTURES N.V.,
gevestigd in Aruba,
hierna ook te noemen: verzoekster,
gemachtigde: de advocaat mr. R.A. Wix,
tegen:
[naam verweerster],
wonende in Aruba,
hierna ook te noemen: verweerster,
niet verschenen.

1.DE PROCEDURE

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties, ingediend op 19 juli 2019;
- de faxbrieven met producties van verzoekster, ingediend op 9 en 28 augustus 2019;
- de behandeling ter zitting van 15 augustus 2019, waarbij zijn verschenen verzoekster bijgestaan door haar gemachtigde, alsmede de heer [naam directeur] (directeur) en mevrouw [naam operations manager](operations manager);
- de beschikking van 27 augustus 2019 tot wederoproeping van verweerster;
- de pleitaantekeningen van verzoekster;
- de behandeling ter zitting van 2 september 2019, waarbij zijn verschenen verzoekster bijgestaan door haar gemachtigde, alsmede de heer [naam directeur] (directeur) en mevrouw [naam operations manager] (operations manager).
1.2
Vervolgens is de datum voor de beschikking nader bepaald op heden.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1
Verzoekster was bij verweerster in dienst als
supervisor.
2.2
Verzoekster is op 14 december 2018 op staande voet ontslagen wegens – kort gezegd – onregelmatigheden met contant geld.
2.3
Bij brief van 7 maart 2019 heeft verweerster de nietigheid van het ontslag ingeroepen.

3.HET VERZOEK

3.1
Verzoekster verzoekt het gerecht, uitvoerbaar bij voorraad, de arbeidsovereenkomst met verweerster te ontbinden voor zover deze nog mocht blijken te bestaan, met veroordeling van verweerster in de proceskosten.
3.2
Verzoekster grondt haar verzoek op een gewichtige reden bestaande uit een dringende reden.
3.3
Verweerster is, ondanks daartoe behoorlijk te zijn opgeroepen, niet op de behandelingen verschenen en heeft ook geen verweerschrift ingediend.

4.DE BEOORDELING

4.1
Het verzoek komt als niet-weersproken en overigens gegrond voor toewijzing in aanmerking.
4.2
Verweerster wordt, nu zij in het ongelijk is gesteld, in de proceskosten veroordeeld.
5.DE BESLISSING
Het gerecht:
- ontbindt de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen met ingang van 15 oktober 2019 indien en voor zover in rechte onherroepelijk komt vast te staan dat die overeenkomst nog steeds bestaat;
- veroordeelt verweerster in de kosten van de procedure, die tot de datum van de uitspraak aan de kant van verzoekster worden begroot op Afl. 450,- aan griffierechten, Afl. 423,- aan explootkosten en Afl. 1.250,- aan gemachtigdensalaris (1 punt van het liquidatietarief 5);
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. J. Sap, rechter in dit gerecht, en werd in het openbaar uitgesproken op dinsdag 1 oktober 2019, in tegenwoordigheid van de griffier.