ECLI:NL:OGEAA:2020:168
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing inbewaringstelling in asielprocedure ondanks lopend verzoek voorlopige voorziening
Betrokkenen zijn in bewaring gesteld op grond van een bevel van de minister van Justitie, Veiligheid en Integratie. De rechter-commissaris heeft de rechtmatigheid van deze vrijheidsontneming bevestigd. Betrokkenen verzochten vervolgens om opheffing van de inbewaringstelling, stellende dat hun asielaanvraag was afgewezen en zij bezwaar hadden gemaakt met een verzoek tot schorsing van de afwijzende beschikking en het uitzettingsbevel.
De rechter-commissaris overwoog dat het bezwaar en het verzoek tot voorlopige voorziening de werking van de afwijzende beschikking niet schorsen, waardoor uitzetting mogelijk is. De minister stelt echter dat uitzetting pas plaatsvindt nadat op het verzoek tot voorlopige voorziening is beslist. Dit uitstel rechtvaardigt volgens de rechter-commissaris niet de conclusie dat er geen reëel zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek tot voorlopige voorziening behandeld en zal binnen korte termijn uitspraak doen. Het is niet aan de rechter-commissaris om vooruit te lopen op deze beslissing. Gezien deze omstandigheden acht de rechter-commissaris het voortduren van de bewaring rechtmatig en wijst het verzoek tot opheffing af.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van de inbewaringstelling wordt afgewezen omdat het voortduren van de bewaring rechtmatig is.