ECLI:NL:OGEAA:2020:336
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en pensioenrechten na echtscheiding
Partijen zijn in 1981 in algehele gemeenschap van goederen gehuwd en in 2013 gescheiden. De huwelijksgoederengemeenschap is nog niet verdeeld, waaronder ook pensioenrechten van de man vallen. De vrouw vordert de verdeling van de gemeenschap en betaling van haar deel van het pensioen met duurtetoeslag.
De man betwist de vordering en stelt onder meer verrekening met kosten van de woning voor. De man vordert tevens inzage in het pensioen van de vrouw en verrekening daarvan. Het Gerecht stelt vast dat de peildatum voor de verdeling de datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking is, 10 mei 2013.
Het Gerecht oordeelt dat de pensioenrechten van de man tot die datum bij helfte verdeeld moeten worden en dat de man het aan de vrouw toekomende deel van zijn pensioenuitkering met duurtetoeslag moet betalen. De vordering van de man tot inzage in het pensioen van de vrouw wordt afgewezen, evenals zijn vordering tot verrekening van het uitgekeerde spaarpensioen van de vrouw.
De man moet APFA opdracht geven het aandeel van de vrouw rechtstreeks aan haar over te maken. Indien hij hierin tekortschiet, verbeurt hij een dwangsom. De proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt zijn eigen kosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De man moet het pensioen met duurtetoeslag aan de vrouw betalen en APFA opdracht geven het aandeel van de vrouw rechtstreeks uit te keren.