Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.OVERWEGINGEN
Beroep niet tijdig beslissen op bezwaar
4.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
5.BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Belanghebbende, een douane-expediteur, heeft bezwaar gemaakt tegen verzegelingskosten die hem in rekening zijn gebracht over de periode 2014 tot en met 2020. De Inspecteur verklaarde het bezwaar tegen de nota van 28 december 2020 ten onrechte niet-ontvankelijk. Het Gerecht oordeelt dat de verzegelingskosten op grond van artikel 100 van Pro de Landsverordening In-, uit- en doorvoer (LIUD) voor rekening van het Land komen, omdat de verzegeling door de douane is bevolen en niet op verzoek van belanghebbende plaatsvond.
Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar is niet-ontvankelijk geworden, evenals het beroep tegen het jaar 2021, omdat daartegen geen bezwaar is gemaakt. Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar over de nota van 28 december 2020 is gegrond verklaard. De Inspecteur wordt opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden. Vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen wegens gebrek aan wettelijke grondslag en specificatie.
De uitspraak bevestigt dat de verzegelingskosten die voortvloeien uit douanebewaking en verzegeling door het Land gedragen moeten worden, en niet door de douane-expediteur. Dit leidt tot teruggaaf van het bedrag van Afl. 7,50 dat ten onrechte in rekening is gebracht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en teruggaaf van de verzegelingskosten van Afl. 7,50 wordt toegekend.