Uitspraak
[handelsnaam],
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
handelen conform het Arubaanse arbeidsrecht’.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
De werknemer was sinds maart 2020 in dienst bij de werkgever, een restaurant in Aruba, als supervisor. In september 2022 ging hij met goedgekeurd verlof naar Colombia om daar in een gelieerd restaurant te werken. De werkgever stelde dat de werknemer onrechtmatig afwezig was en dat hij niet meer op het werk verscheen, terwijl de werknemer stelde dat hij op verzoek van de werkgever langer in Colombia bleef werken en pas in november 2022 terugkeerde.
De werknemer vorderde onder meer een verklaring voor recht dat het ontslag nietig is, loonbetaling vanaf oktober 2022 en wedertewerkstelling. De werkgever betwistte het ontslag en stelde dat de werknemer zelf niet meer wilde werken en dat het restaurant in Colombia niet van hen was, maar van de zus van de bestuurder.
Het Gerecht oordeelde dat geen sprake was van een verleend ontslag of opzegging door de werknemer, omdat geen duidelijke en ondubbelzinnige verklaring was gegeven. De arbeidsovereenkomst was dus niet beëindigd. De werkgever moet de werknemer wedertewerkstellen en het loon betalen vanaf heden, mits de werknemer de werkzaamheden verricht. Het achterstallige loon over oktober 2022 moet ook worden betaald met een wettelijke verhoging van maximaal 15%. Het verzoek tot loonbetaling vanaf november 2022 werd afgewezen omdat de werknemer zich niet beschikbaar had gesteld.
De werkgever werd veroordeeld tot wedertewerkstelling binnen vijf dagen, betaling van het loon en het achterstallige loon, en tot betaling van de proceskosten. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Geen ontslag of opzegging, werkgever moet werknemer wedertewerkstellen en loon inclusief achterstallig loon oktober 2022 betalen.