ECLI:NL:OGEAC:2017:190
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen ambtshalve vermindering navorderingsaanslagen inkomstenbelasting
Belanghebbende, directeur-grootaandeelhouder van een onderneming in telefoonkaarten, kreeg navorderingsaanslagen inkomstenbelasting opgelegd over de jaren 2004 en 2005. Deze aanslagen werden ambtshalve verminderd door toepassing van een bijzonder tarief op dividenduitkeringen. Belanghebbende diende beroep in tegen deze ambtshalve verminderingen.
Het geschil betrof de ontvankelijkheid van het beroep en de juistheid van het vastgestelde belastbaar inkomen. De Inspecteur stelde dat het beroep niet ontvankelijk was omdat er geen bezwaar was gemaakt tegen de navorderingsaanslagen en beroep tegen ambtshalve verminderingen niet mogelijk is.
Het Gerecht oordeelde dat belanghebbende geen bezwaar had ingediend en dat het beroep tegen ambtshalve verminderingen niet-ontvankelijk is volgens artikel 31, lid 1 van de Algemene landsverordening Landsbelastingen. Ook het argument dat het beroep als bezwaar bij het verkeerde orgaan was ingediend, faalde omdat het te laat was ingediend. Het beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard en inhoudelijke behandeling van de zaak bleef achterwege.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de ambtshalve verminderingen van navorderingsaanslagen inkomstenbelasting is niet-ontvankelijk verklaard.