Werknemer is sinds 2000 in dienst bij Selikor als chauffeur en werd in oktober 2018 overgeplaatst na een reorganisatie. Na een polsoperatie was hij gedeeltelijk arbeidsongeschikt en kreeg hij aangepaste werkzaamheden toegewezen. De bedrijfsarts verklaarde hem arbeidsgeschikt voor passend werk, waaronder werkzaamheden op de landfill.
Ondanks waarschuwingen meldde werknemer zich niet op de aangewezen werkplek en weigerde hij het werk te hervatten, waarna Selikor hem op staande voet ontsloeg wegens werkweigering. Werknemer betwistte de geldigheid van het ontslag en vorderde schadevergoeding.
De rechter oordeelde dat Selikor voldoende rekening hield met de beperkingen van werknemer en dat het ontslag op staande voet gerechtvaardigd was vanwege de halsstarrige weigering van werknemer om zich te melden. De persoonlijke omstandigheden van werknemer konden het ontslag niet onredelijk maken. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden en werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.