Uitspraak
1.HET PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.BEOORDELING VAN HET BEROEP
Ontvankelijkheid bezwaar
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende, die sinds 2016 een AOV-uitkering ontvangt en in 2017 in dienstbetrekking werkzaam was, voerde bezwaar aan tegen de weigering van de Inspecteur om het werkgeversdeel van de AOV/AWW-premie terug te geven. De werkgever had het werkgeversdeel van de premie op aangifte afgedragen, terwijl belanghebbende dit als voorheffing in de inkomstenbelasting had verrekend.
Het Gerecht stelt vast dat ingevolge de Landsverordeningen AOV en AWW alleen het premiedeel werknemers voor rekening van de werknemer komt en dat het premiedeel werkgevers door de werkgever wordt betaald. Teruggave van het werkgeversdeel dient daarom aan de werkgever te geschieden, omdat deze het bedrag onverschuldigd heeft betaald.
De Inspecteur heeft derhalve terecht geweigerd het premiedeel werkgevers aan belanghebbende terug te geven. Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard. Er worden geen proceskosten toegekend. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de Inspecteur heeft terecht geweigerd het premiedeel werkgevers terug te geven.