De zaak betreft een geschil tussen een leerkracht en zijn werkgever, stichting F.A.V.E., over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst na een incident op 10 februari 2023 waarbij de leerkracht een leerling met een mes zou hebben bedreigd.
De leerkracht betwistte het gebruik van een mes en stelde dat hij een pen gebruikte om de leerling te bewegen het lokaal te verlaten. Het Gerecht liet bewijs toe en hoorde getuigen. Uit de verklaringen en stukken bleek dat de leerkracht daadwerkelijk een mes gebruikte.
Op grond van dit bewezen feit oordeelde het Gerecht dat de werkgever de arbeidsovereenkomst terecht had opgezegd en dat er geen ruimte was voor herstel of een afkoopsom. De leerkracht werd veroordeeld in de proceskosten. Tevens werd F.A.V.E. erop gewezen om de toegezegde cessantia-uitkering alsnog uit te betalen indien dit nog niet was gebeurd.