Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.FEITEN
3.GESCHIL
4.OVERWEGINGEN
5.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
6.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
belastinggriffie@caribjustitia.org.
Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting 2019 omdat zij een bedrag van NAf 9.028 als aftrekpost had opgegeven voor terugbetaling van een studieschuld. De Inspecteur wees deze aftrek af omdat het niet ging om studiekosten die in 2019 op belanghebbende drukten.
Tijdens de zitting verklaarde belanghebbende dat zij ten onrechte het bedrag van NAf 4.245,30 als eurobedrag had geïnterpreteerd. Partijen waren het eens dat, indien aftrek mogelijk was, het bedrag van NAf 4.245,30 leidend was. Het Gerecht stelde vast dat studiekosten aftrekbaar zijn in het jaar waarin zij betaald zijn, maar terugbetalingen van een studieschuld zijn geen studiekosten die in dat jaar drukken.
De Inspecteur had toegezegd dat rente in het bedrag wel aftrekbaar zou zijn, maar uit de brief van DUO bleek geen rente te zijn betaald. Daarom was de correctie van de Inspecteur terecht. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de afwijzing van aftrek van terugbetalingen van een studieschuld is ongegrond verklaard.