ECLI:NL:OGHACMB:2012:BY0943
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen alimentatieplicht man wegens niet-behoeftigheid vrouw
In deze zaak staat de vraag centraal of de man gehouden is tot het betalen van een uitkering tot levensonderhoud aan de vrouw na beëindiging van het huwelijk. De rechtbank in eerste aanleg had de man veroordeeld tot betaling van een maandelijkse alimentatie van NAF 1.075 aan de vrouw. De man stelde hiertegen hoger beroep in, stellende dat de forfaitaire 60%-maatstaf van het vroegere netto gezinsinkomen, zoals toegepast door de rechtbank, niet toereikend is voor de beoordeling van de behoefte van de vrouw.
Tijdens de mondelinge behandeling op 4 september 2012 heeft het Hof overwogen dat de vrouw een goed inkomen geniet en een goed pensioen opbouwt, zelfs beter dan de man. Het Hof acht de vrouw daarom niet behoeftig en oordeelt dat haar huidige levensstandaard niet substantieel onderdoet aan die tijdens het huwelijk. De door het GEA toegepaste forfaitaire maatstaf miskent het belang van een concrete beoordeling van de behoefte aan alimentatie.
Het Hof vernietigt de bestreden beschikking voor zover deze de alimentatieplicht betreft en wijst het verzoek van de vrouw tot toekenning van een uitkering tot levensonderhoud af. De overige onderdelen van de beschikking blijven in stand. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het Hof wijst het verzoek van de vrouw tot alimentatie af omdat zij niet behoeftig is en haar levensstandaard niet substantieel lager is dan tijdens het huwelijk.