ECLI:NL:OGHACMB:2012:BY7643
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- R.W.L. Loeb
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing vergunning tijdelijk verblijf wegens niet afwachten beslissing in buitenland
De zaak betreft de afwijzing van een vergunning tot tijdelijk verblijf door de minister van Justitie, omdat de vreemdeling niet voldeed aan de eis om de beslissing op haar aanvraag in het buitenland af te wachten. De vreemdeling betwistte dit en stelde dat zij op 5 februari 2009 naar Colombia was gereisd en daar verbleef.
Het Hof oordeelde dat de door de vreemdeling overgelegde kopie van haar paspoort onvoldoende bewijs vormde dat zij daadwerkelijk in het buitenland verbleef tijdens de aanvraagprocedure. Daarnaast sprak een verklaring van een schoolleider tegen dat zij in die periode in Colombia was. Ook nieuwe verklaringen die in hoger beroep werden overgelegd konden niet leiden tot een ander oordeel, omdat in de bestuursfase aangetoond moet worden dat aan de voorwaarden is voldaan.
Verder stelde de vreemdeling dat op grond van artikel 8 EVRM Pro de vergunning niet geweigerd mocht worden vanwege haar familie- en gezinsleven. Het Hof oordeelde dat geen inmenging in het recht op gezinsleven plaatsvond, omdat zij niet rechtmatig in het land verbleef en het gezinsleven vanuit Colombia voortzette. De belangenafweging van het Hof gaf geen aanleiding om het besluit van de minister te wijzigen.
Het Hof bevestigde daarom het vonnis van het Gerecht in eerste aanleg en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de afwijzing van de vergunning tot tijdelijk verblijf omdat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij de beslissing in het buitenland heeft afgewacht.