Uitspraak
[overledene],
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
De zaak betreft een hoger beroep van [appellant], langstlevende ongehuwd samenlevende partner van de overleden failliet [overledene], tegen een vonnis dat ontruiming van de woning gelastte.
[Overledene] was failliet verklaard op 6 januari 2017 en overleed op 28 november 2018. De curator, benoemd door de Amerikaanse faillissementsrechtbank, vorderde de ontruiming van de woning die onderdeel uitmaakt van de faillissementsboedel. [Appellant] betoogde dat zij als langstlevende partner gelijkgesteld moest worden met een langstlevende echtgenoot en daardoor bescherming genoot tegen crediteuren.
Het Hof oordeelde dat deze stelling niet opgaat, ook niet onder het nieuwe Arubaanse erfrecht dat per 1 september 2021 in werking treedt. De curator heeft het recht de woning te ontruimen als onderdeel van de faillissementsafwikkeling. Het hoger beroep faalt en het vonnis tot ontruiming wordt bevestigd. [Appellant] wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het vonnis tot ontruiming wordt bevestigd.