ECLI:NL:OGHACMB:2021:73
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- O. Nijhuis
- E.M. van der Bunt
- F.W.J. Meijer
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en gebruiksvergoeding appartement na echtscheiding
Partijen zijn gewezen echtelieden die in gemeenschap van goederen waren gehuwd en na hun echtscheiding de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap betwistten. Het geschil betreft met name het erfpachtrecht op een perceel met twee appartementen, waarvan één door de man wordt bewoond en het andere verhuurd is geweest.
Het Hof vernietigt het eerdere vonnis en bepaalt dat het erfpachtrecht verkocht moet worden omdat toedeling aan de man financieel niet haalbaar is en de vrouw geen toedeling wenst. De netto-opbrengst wordt gelijk verdeeld. Daarnaast wordt vastgesteld dat de man vanaf augustus 2007 een gebruiksvergoeding verschuldigd is aan de vrouw voor het gebruik van het appartement dat tot de gemeenschap behoorde.
Verder oordeelt het Hof dat de man een bedrag aan de vrouw moet betalen ter compensatie van haar aandeel in de huuropbrengsten van het verhuurde appartement. De inboedel wordt geacht verdeeld te zijn zonder verrekening. De kosten van het geding worden door partijen ieder voor de helft gedragen. Het vonnis heeft dezelfde kracht als een notariële akte indien de man weigert medewerking te verlenen aan de uitvoering.
Uitkomst: Het erfpachtrecht wordt verkocht en de opbrengst gelijk verdeeld; de man betaalt gebruiksvergoeding en vergoeding huurinkomsten aan de vrouw.