Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
48% gereed.
(…).
wordt geraamd opUS$ 100.000,--(…).
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Partijen zijn in 2001 in Peru gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn in 2018 gescheiden. De ontbonden huwelijksgemeenschap omvat een perceel grond met een houten woonhuis en een woning in aanbouw op Bonaire. De vrouw heeft de woning in oktober 2020 verlaten, maar de man woont er volgens het hof nog steeds.
De man is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis dat hem verplicht een maandelijkse gebruiksvergoeding te betalen van US$ 272, gebaseerd op de waarde van het gehele perceel inclusief beide woningen. Hij stelde primair dat hij geen vergoeding verschuldigd is en subsidiair dat de vergoeding te hoog is omdat alleen het houten woonhuis waarde zou moeten hebben.
Het hof oordeelt dat de man onvoldoende bewijs heeft geleverd dat hij elders woont en dat de waarde van het gehele perceel inclusief beide woningen terecht als uitgangspunt is genomen. De man heeft het perceel volledig tot zijn beschikking en de staat van de woning in aanbouw is in de waardering verwerkt.
Het hoger beroep wordt verworpen en het bestreden vonnis bevestigd. De proceskosten worden gecompenseerd zodat elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het vonnis tot betaling van een gebruiksvergoeding wordt bevestigd.