ECLI:NL:OGHNAA:2010:BK9434
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering wegens toepassing strafvorderlijke dwangmiddelen met schietincident
Appellant werd tijdens een verkeerscontrole door politieagenten, die niet herkenbaar als zodanig waren, klemgereden en neergeschoten. Hij vorderde civielrechtelijke schadevergoeding, maar het Hof oordeelt dat de vordering uitsluitend via de strafvorderlijke weg kan worden ingediend.
Het Hof stelt vast dat de toepassing van dwangmiddelen zoals bedoeld in art. 178 Sv Pro hier van toepassing is, ongeacht de herkenbaarheid van de agenten. Het beroep van appellant op civielrechtelijke procedures wordt verworpen vanwege de exclusieve werking van de strafvorderlijke route volgens art. 182 Sv Pro.
Verder wijst het Hof het beroep op het EVRM af, omdat de termijnen en rechtsmiddelen adequaat zijn. Het vonnis van het Gerecht wordt vernietigd en appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard. Proceskosten worden verdeeld en appellant wordt veroordeeld tot betaling van de kosten van hoger beroep.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn civiele vordering wegens toepassing van strafvorderlijke dwangmiddelen.