Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
Op het hoger beroep van:
[appellante],
11 september 2017, AUA201600536 (aangevallen uitspraak), in het geding tussen:
de Gouverneur van Aruba,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellante, maatschappelijk werker bij het Orthopedagogisch Centrum (OC), werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim. Dit omvatte het beïnvloeden van een verklaring van een minderjarige in een strafzaak tegen haar broer, die verdacht werd van ontucht, en het nalaten van maatregelen tegen ongepast gedrag van medewerkers.
Na klachten en een strafrechtelijk onderzoek werden diverse verklaringen verzameld waaruit bleek dat appellante contact had met een slachtoffer om te horen wat zij verklaard had en haar aanspoorde de waarheid te spreken, wat als beïnvloeding werd gezien. Ondanks een sepot in de strafzaak, bleef het bestuursrechtelijk ontslag gehandhaafd.
Het Gerecht in Ambtenarenzaken en de Raad van Beroep oordeelden dat het plichtsverzuim voldoende was vastgesteld en dat het ontslag niet onevenredig was. Appellante had bovendien niet adequaat gereageerd op signalen van ongepast gedrag binnen het OC, wat de veiligheid van kwetsbare jongeren in gevaar bracht.
De Raad concludeerde dat het handelen en nalaten van appellante ernstig tekortschoten in haar professionele verantwoordelijkheid, waardoor het ontslag terecht is. Het hoger beroep werd verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd.