ECLI:NL:PHR:1975:AB7436
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Rechtsgevolgen van eigendomsoverdracht tot zekerheid en preferentie douane-expediteur in faillissement
In deze zaak betwist de verzoekster, een schuldeiser in het faillissement van N.V. [A], de uitdelingslijst waarop zij slechts een deel van haar vordering als preferent erkend ziet. Zij baseert haar bezwaar op het argument dat de eigendomsoverdracht tot zekerheid van de bedrijfsvoorraden en inventarissen aan de AMRO-Bank buiten beschouwing had moeten blijven, omdat haar preferentierecht als douane-expediteur krachtiger zou zijn.
De Hoge Raad verwijst naar het eerdere Traffic-arrest waarin werd vastgesteld dat een eigendomsoverdracht tot zekerheid niet alle rechtsgevolgen van een normale eigendomsoverdracht heeft en dat in bepaalde gevallen een dergelijke overdracht buiten beschouwing kan worden gelaten ten behoeve van derden die aanspraak maken op rechten met betrekking tot bepaalde goederen. De Raad benadrukt echter dat deze mogelijkheid niet neerkomt op een algemene rechtsregel en dat in het onderhavige geval de verzoekster niet als zodanige derde kan worden beschouwd.
De Hoge Raad concludeert dat de curator terecht de overdracht tot zekerheid en de rechtsgevolgen daarvan heeft betrokken bij de afwikkeling van het faillissement. Hierdoor is de verkoop van de zekerheidsgoederen door de bank en de bestemming van de opbrengst niet in strijd met het recht. De preferentierechten van de douane-expediteur gelden niet boven deze overdracht.
De uitspraak bevestigt dat eigendomsoverdracht tot zekerheid geldig is en dat algemene preferente en concurrente schuldeisers niet beschermd worden tegen de gevolgen daarvan. Dit arrest brengt duidelijkheid in de verhouding tussen zekerheidsrechten en preferentierechten in faillissementssituaties.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de overdracht tot zekerheid blijft geldig tegenover het preferentierecht van de douane-expediteur.