Conclusie
Werken en Modellen zoals het hof zegt), thans verweerster in cassatie, een opeisbare vordering op [verzoeker] die uit twee onderdelen bestond: enerzijds verschuldigde dwangsommen, anderzijds vervallen boetes. De dwangsommen waren verschuldigd op grond van twee kort-gedingvonnissen; de boetes waren vervallen ten gevolge van de niet-naleving van een tussen partijen gesloten concurrentiebeding (r.o. 4.1). Beide delen van de vordering zijn onbetaald gebleven (althans voor een belangrijk gedeelte). Daarnaast had [verzoeker] een vordering onbetaald gelaten van één van zijn vroegere advocaten, mr Jacobs, ter zake van diens declaratie voor verleende rechtsbijstand (r.o. 4.4.1). Het hof leidt uit een en ander af dat [verzoeker] verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen (r.o. 4.5.1).