ECLI:NL:PHR:1996:AA1801
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijkheid overgangsrecht en proceskostenvergoeding bij intrekking belastingberoep
De zaak betreft een geschil over de toepassing van het overgangsrecht en de proceskostenvergoeding in een bestuursrechtelijke belastingprocedure tegen de gemeente Limmen inzake bouwgrondbelasting. Belanghebbende X had beroep ingesteld tegen een aanslag, maar trok dit beroep later in nadat de aanslagen tot nihil waren verminderd en de gemeente de procedures wilde staken.
De kern van het geschil was of het oude of nieuwe recht op proceskostenvergoeding van toepassing was, waarbij X betoogde dat het materiële einde van het geschil leidend moest zijn, terwijl het hof het tijdstip van formele intrekking van het beroep als maatstaf hanteerde. De Hoge Raad bevestigde dat het formele tijdstip van beëindiging van de procedure bepalend is voor het overgangsrecht en dat het materiële einde van het geschil daaraan niet afdoet.
Verder werd besproken dat de nieuwe regeling van proceskostenvergoeding van toepassing is op procedures die op het moment van inwerkingtreding van de wet nog aanhangig zijn, en dat reeds beëindigde procedures onder het oude recht vallen. De Hoge Raad verwierp het beroep van X en bevestigde de uitleg van het hof.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hof heeft terecht het nieuwe recht op proceskostenvergoeding toegepast.