ECLI:NL:PHR:2000:AA5648
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over kennelijk onredelijk ontslag en passend werk bij reorganisatie
De zaak betreft het ontslag van een werknemer, die na overname en reorganisatie van zijn werkgever een lagere functie als taxichauffeur werd aangeboden. De werknemer weigerde deze functie vanwege het lagere salaris, onregelmatige werktijden en de degradatie ten opzichte van zijn eerdere leidinggevende functie. De kantonrechter oordeelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was en kende een vergoeding toe, maar de rechtbank vernietigde dit vonnis en wees de vorderingen af, mede omdat de werknemer de aangeboden functie had geweigerd.
De Hoge Raad stelt dat de beoordeling van de passendheid van het aangeboden werk en de hoogte van de vergoeding nauw verweven zijn en dat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de functie passend zou zijn, vooral gezien de leeftijd van de werknemer en de onregelmatigheid van de werktijden. De Hoge Raad wijst erop dat de rechtbank had moeten ingaan op deze aspecten en dat de vergoeding mogelijk te laag was.
De Hoge Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verwijst de zaak terug voor een nieuwe beoordeling van de passendheid van het werk en de hoogte van de vergoeding, waarbij alle omstandigheden in aanmerking moeten worden genomen, waaronder de gevolgen van het ontslag voor de werknemer.
Uitkomst: Het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe beoordeling van passendheid en vergoeding.