ECLI:NL:PHR:2001:AD3985
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Werkgeversaansprakelijkheid bij arbeidsongeval door fout collega en beperking eigen schuld-verweer
In deze zaak is eiseres, werkzaam als apothekersassistente, tijdens haar werk tegen een openstaande lade van een medicijnkast aangelopen, waardoor zij ernstig letsel opliep. De lade was door een collega-werknemer bewust vastgezet, wat het hof onrechtmatig achtte. De werkgever werd aansprakelijk gesteld op grond van art. 6:170 BW Pro.
De werkgever voerde verweer met ontkenning van onrechtmatig gedrag en stelde subsidiair een beroep op eigen schuld van eiseres. Zowel de rechtbank als het hof oordeelden dat het gedrag van de collega onrechtmatig was en dat de schade deels aan eiseres kon worden toegerekend, wat leidde tot een schadevermindering van 50%.
De Hoge Raad stelde in cassatie de vraag centraal of het eigen schuld-verweer bij werkgeversaansprakelijkheid op grond van art. 6:170 BW Pro beperkt is tot opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. De Hoge Raad bevestigde dat deze beperking geldt en dat de billijkheidscorrectie van art. 6:101 BW Pro daaraan ten grondslag ligt. Hierdoor komt schade die een werknemer lijdt binnen het dienstverband en mede door eigen schuld is veroorzaakt, in beginsel volledig voor rekening van de werkgever, tenzij sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en bepaalde dat de zaak kan worden afgedaan door het vonnis van de rechtbank te bekrachtigen, waarbij de schadevermindering van 50% niet gerechtvaardigd is. Het incidenteel cassatieberoep van de werkgever werd verworpen.
Deze uitspraak benadrukt de bijzondere bescherming van werknemers bij arbeidsongevallen en verduidelijkt de toepassing van het eigen schuld-verweer in de context van werkgeversaansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt werkgeversaansprakelijkheid en beperkt het eigen schuld-verweer tot opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.