ECLI:NL:PHR:2001:AD4937
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt berekening draagkracht bij bijstandsverhaal na huwelijk in Suriname
De zaak betreft een bijstandsverhaalsprocedure waarbij de gemeente 's-Gravenhage de man aansprakelijk stelt voor de kosten van bijstand aan zijn ex-echtgenote en kinderen. De man is na zijn echtscheiding in 1999 hertrouwd in Suriname en woont sinds oktober 1999 samen met zijn nieuwe echtgenote. De gemeente berekende aanvankelijk een verhaalsbijdrage gebaseerd op de gezinsnorm, maar paste deze later aan omdat de man geen bewijs leverde van financiële ondersteuning aan zijn nieuwe echtgenote.
De rechtbank bepaalde een bijdrage over de periode van april tot oktober 1999, waarna het hof dit vernietigde en een lagere bijdrage vaststelde voor het gehele tijdvak tot oktober 1999. De man stelde in cassatie dat het hof vanaf de huwelijksdatum de gezinsnorm had moeten toepassen en dat de bewijslast niet bij hem had mogen liggen vanwege praktische bewijsproblemen.
De Hoge Raad verwierp deze klachten. Het hof mocht rekening houden met de feitelijke draagkracht en het ontbreken van bewijs van financiële ondersteuning. De gezinsnorm is niet automatisch van toepassing bij een huwelijk, zeker niet als de nieuwe echtgenote in het buitenland verblijft en mogelijk zelf in haar levensonderhoud voorziet. De bewijslast ligt op de man om zijn draagkracht aan te tonen. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en de verhaalsbijdrage wordt bevestigd zonder toepassing van de gezinsnorm vanaf de huwelijksdatum.