ECLI:NL:PHR:2001:AD5207
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewezenverklaring aanwezigheid softdrugs boven gedoogde hoeveelheid in coffeeshop
In deze zaak werd verdachte door het Gerechtshof te Leeuwarden schuldig bevonden aan het aanwezig hebben van meer dan 500 gram softdrugs in haar coffeeshop, zonder dat zij daarvoor straf werd opgelegd. Verdachte stelde in cassatie onder meer dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard wegens schending van het gelijkheidsbeginsel, omdat een andere coffeeshop in dezelfde gemeente niet werd vervolgd ondanks overtredingen.
De Hoge Raad oordeelde dat dit verweer niet op het primaire tenlastegelegde feit van toepassing was en dat het Hof het verweer terecht verwierp. Daarnaast bevestigde de Hoge Raad dat het Hof terecht het opzet niet bewezen achtte, maar wel de culpoze variant van het strafbare feit, namelijk het onvoldoende uitoefenen van controle over de voorraad softdrugs.
Het begrip 'aanwezig hebben' werd ruim uitgelegd als feitelijke macht over de drugs binnen het pand, zonder dat bewezen hoefde te worden dat verdachte wist van de exacte hoeveelheid. Het beroep op afwezigheid van alle schuld werd verworpen omdat het Hof op goede gronden had vastgesteld dat de controle onvoldoende was. De Hoge Raad concludeerde dat het cassatieberoep ongegrond is en verwierp het.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de bewezenverklaring van het aanwezig hebben van meer dan 500 gram softdrugs en verwerpt het cassatieberoep.