ECLI:NL:PHR:2002:AD5354
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat merkenrecht alleen uitgeput is bij verkoop binnen de EER met toestemming merkhouder
In deze zaak staat de vraag centraal of de uitputting van het merkenrecht zich ook uitstrekt tot producten die buiten de Europese Economische Ruimte (EER) zijn verkocht zonder expliciete toestemming van de merkhouder voor verdere verkoop binnen de EER. Dior, als merkhouder van het merk "Fahrenheit", stelde dat haar rechten niet waren uitgeput omdat de producten aanvankelijk buiten de EER waren geleverd aan een afnemer in Argentinië. Etos voerde aan dat, indien de merkhouder geen maatregelen neemt om parallelimport te voorkomen, dit als toestemming moet worden gezien, en dat de bewijslast hiervoor bij de merkhouder ligt.
De Hoge Raad bevestigde dat de uitputting van het merkenrecht alleen geldt voor producten die met toestemming van de merkhouder binnen de EER in het verkeer zijn gebracht, conform art. 13.A lid 9 van de Beneluxwet op de Merken en art. 7 lid 1 van Pro de Europese Richtlijn. De Hoge Raad verwierp de stelling van Etos dat toestemming kan worden aangenomen op basis van het nalaten van de merkhouder om parallelimport te voorkomen, en dat de bewijslast omgekeerd zou moeten worden.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat de argumenten van Etos met betrekking tot strijdigheid met het EG-Verdrag (artikelen 28, 30 en 81) onvoldoende onderbouwd waren. Ook zag de Hoge Raad geen aanleiding voor prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, omdat de relevante Europese jurisprudentie en het arrest van het Benelux Gerechtshof voldoende duidelijkheid bieden.
De Hoge Raad concludeerde dat Dior een legitieme aanspraak had op de voorlopige voorziening en verwierp het cassatieberoep van Etos. Hiermee werd bevestigd dat de bescherming van merkrechten binnen de EER niet wordt uitgehold door parallelimport van producten die buiten de EER zijn verkocht zonder toestemming van de merkhouder.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Etos wordt verworpen en het verbod op verkoop van de parfums wordt bevestigd.