1 Een soortgelijke kwestie, maar dan op basis van het G-rekeningenbesluit 1991, is momenteel bij Uw Raad aanhangig (nr. C 00/088, conclusie mr. Bakels 5 okt. 2001).
2 Zie rov. 1 van het bestreden arrest, hier verkort weergegeven.
3 Een copie van de op 16 feb. 1987 door Hatral met de Staat c.q. de Ontvanger, de Bedrijfsvereniging en de N.M.B. gesloten g-rekeningovereenkomst, is overgelegd als prod. 3 bij de MvG. Zij stemt overeen met het voorgeschreven model (bijlage bij het G-rekeningenbesluit, Stcr. 1982, 109).
4 De faillissementen zijn inmiddels opgeheven wegens de toestand van de boedel; dat van [A] op 21 augustus 1991 en dat van [B] op 15 april 1992 (zie prod. 4 bij de akte van Hatral d.d. 4 november 1999.
5 Het arrest is gepubliceerd in: V-N 2000/13.30 m.nt. red.
6 Wet van 4 juni 1981, Stb. 370, houdende nadere wijziging van de Coördinatiewet Sociale Verzekering, de Wet op de loonbelasting 1964, de Wet op de omzetbelasting 1968 en enige andere wetten (invoering van bepalingen inzake hoofdelijke aansprakelijkheid voor betaling van premie en loon- en omzetbelasting bij onderaanneming en het ter beschikking stellen van arbeidskrachten).
7 NvW; TK, 1980-1981, 15 697, nr. 12; de geciteerde toelichting is te vinden op blz. 2-3.
8 De omzetbelasting blijft in deze zaak buiten beschouwing (vgl. MvT Iw 1990, 20 588, nr. 3, blz. 87).
9 Hand. I, verg. 2 juni 1981, blz. 1083-1084.
10 Zie de uitgaven van de Sociale Verzekeringsraad: Evaluatie Wet ketenaansprakelijkheid, onderzoeksrapport 15: G-rekeningen, geblokkeerde rekeningen als instrument van de Wka (1986); Evaluatie Wet ketenaansprakelijkheid en Verleggingsregeling omzetbelasting, eindrapport (1986). Onderstaand citaat is te vinden op blz. 32. Zie ook de resolutie van de staatssecr. van Financiën d.d. 20 april 1989, V-N 1989/1331 en het rapport "Oneigenlijk deblokkeren: accepteren of weren?" van de Federatie van Bedrijfsverenigingen (1990) en een daarop gebaseerd advies van de Sociale Verzekeringsraad d.d. 20 december 1990.
11 Zie over het G-rekeningenbesluit 1991: A.F. van Vliet en G.W.B. van Westen, MBB 1993, blz. 35-36; J.D. Schouten, WFR 1992, blz. 582-583; L. Timmerman, TVVS, 1991, blz. 274-275.
12 Het arrest is kort besproken door C.E. du Perron in: Bb 1995, 180-182; Overeenkomst en derden, diss. 1999, blz. 152 en 155.
13 Van de omvangrijke "lagere" rechtspraak noem ik: Rb. 's-Hertogenbosch 9 maart 1990, VN 1991/1660; Rb. 's-Hertogenbosch 3 juni 1993, VN 1994/2433 (gebruik g-gelden in 1990 door dezelfde [B] BV voor betaling van geleverde zaken); Rb. Haarlem 26 juli 1994, VN 1994/2942 (gebruik g-gelden door [A] v.o.f. en [B] BV voor betaling van geleverd materiaal); Hof 's-Hertogenbosch 17 maart 1998, VN 1998/26.18; Hof 's-Gravenhage 21 januari 1999, VN 1999/12.21; Rb. Dordrecht 3 maart 1999, VN 1999/20.22 en 29 september 1999, VN 1999/58.21. Zie ook: J.H.P.M. Raaijmakers, Aansprakelijkheid in belastingzaken, 1999, blz. 221 (noot 162).
14 Terzijde: in Nederland wordt de curator niet algemeen beschouwd als een "officer of the court": zie F.M.J. Verstijlen in WPNR 2001, blz. 929.
15 De s.t. van de zijde van de Staat c.s., blz. 8, attendeert op een verschrijving in het bedrag, dat door het hof in rov. 5.3 wordt genoemd.
16 O.m: HR 9 oktober 1992, NJ 1994, 288 m.nt. CJHB onder nr. 289; HR 13 november 1998, NJ 1999, 71; HR 22 september 2000, NJ 2000, 632.