ECLI:NL:PHR:2002:AD8783
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over onteigening en schadeloosstelling bij recht van erfpacht
Bij Koninklijk Besluit is onteigening goedgekeurd voor de aanleg van de Betuweroute in Rotterdam en Barendrecht, waarbij verschillende percelen eigendom van eiser betroffen waren. NS Railinfrabeheer B.V. heeft eiser gedagvaard voor vervroegde onteigening en een schadeloosstelling aangeboden. De Rechtbank heeft de onteigening uitgesproken en voorschotten op schadeloosstelling vastgesteld, maar eiser stelde beroep in cassatie tegen het vonnis.
De kern van het geschil betrof de vraag of de dagvaarding nietig was omdat niet aan alle wettelijke vereisten was voldaan, met name ten aanzien van de erfpachter [de B.V.], die als derde belanghebbende moest worden betrokken. De Hoge Raad overwoog dat [de B.V.] als erfpachter niet als eigenaar maar als derde belanghebbende moet worden aangemerkt en dat de dagvaarding aan haar betekend is, zodat aan de formele vereisten is voldaan.
Verder werd geoordeeld dat het ontbreken van een afzonderlijk aanbod aan de erfpachter in de dagvaarding niet leidt tot nietigheid, maar tot een veroordeling in de proceskosten. De Hoge Raad stelde vast dat de Rechtbank terecht geen voorschot aan de erfpachter had toegekend omdat geen aanbod was gedaan, maar dat deze omissie door de erfpachter zelf had kunnen worden gecorrigeerd door tussenkomst in het geding.
Ten slotte vernietigde de Hoge Raad het vonnis voor zover het voorschotten op schadeloosstelling betrof en bepaalde dat deze voorschotten moesten worden vastgesteld op het volledige aangeboden bedrag, mede omdat Railinfrabeheer B.V. had toegezegd 100% van het bedrag te zullen betalen. Hiermee werd de positie van de eigenaar versterkt en werd de procedurele zorgvuldigheid rondom de schadeloosstelling benadrukt.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis voor zover het voorschotten op schadeloosstelling betreft en bepaalt deze op het volledige aangeboden bedrag.