ECLI:NL:PHR:2002:AE4369
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewijslast en toepassing nultarief bij intracommunautaire afhaaltransacties
De zaak betreft een geschil over de naheffing van omzetbelasting aan X B.V. vanwege het niet kunnen aantonen van het vervoer van goederen naar andere lidstaten binnen de EU, waardoor het nultarief niet van toepassing zou zijn. De belanghebbende leverde pannensets die door buitenlandse afnemers zelf werden afgehaald, waarbij de belastingdienst stelde dat niet alle goederen daadwerkelijk naar het buitenland waren vervoerd.
Het Hof had vastgesteld dat de belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd dat de goederen naar andere lidstaten waren vervoerd en handhaafde de naheffingsaanslag en boete. De belanghebbende voerde onder meer aan dat de bewijsregels onredelijk waren en in strijd met het EG-verdrag, met name de artikelen over het vrije verkeer van goederen en het gelijkheidsbeginsel.
De Hoge Raad bevestigt dat de bewijslast voor het toepassen van het nultarief bij intracommunautaire leveringen bij de belastingplichtige ligt en dat de Nederlandse regels, waaronder de eis dat dit uit boeken en bescheiden moet blijken, niet onverenigbaar zijn met het EG-recht. Ook is het oordeel van het Hof over het bewijs en de feiten niet onbegrijpelijk. De Hoge Raad erkent de complexiteit van afhaaltransacties en de bewijsproblemen, maar acht de Nederlandse regeling passend binnen de grenzen van het EG-recht. De boete blijft gehandhaafd, maar er wordt ruimte gelaten voor strafvermindering vanwege de lange duur van de procedure.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de naheffingsaanslag en boete, met ruimte voor strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.