ECLI:NL:PHR:2002:AE6175
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Mogelijkheid tot intrekking van cassatieberoep vóór verwijzing naar meervoudige kamer
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een uitleveringsuitspraak van de Rechtbank Haarlem. De verdachte had het cassatieberoep ingesteld, maar trok dit in voordat de zaak door de enkelvoudige kamer was verwezen naar de meervoudige kamer. De kernvraag was of intrekking van het cassatieberoep in deze fase nog mogelijk is volgens art. 453 lid 1 Sv Pro.
De Procureur-Generaal licht toe dat sinds de wetswijziging van 1 juni 1999 de cassatieprocedure is aangepast, waarbij de enkelvoudige kamer een administratieve rol vervult en de inhoudelijke behandeling pas plaatsvindt na verwijzing naar de meervoudige kamer. Jurisprudentie uit 1998 en 1999 lijkt intrekking na de eerste terechtzitting te verbieden, maar deze zaken betroffen een andere procedurele situatie.
De conclusie is dat de behandeling van de zaak in cassatie pas aanvangt met de verwijzing naar de meervoudige kamer. Daarom is intrekking van het cassatieberoep tot dat moment toegestaan. Dit voorkomt onnodige werkbelasting van de Hoge Raad en sluit aan bij het stelsel van hoger beroep. De intrekking in deze zaak was dus tijdig en de zaak wordt van de rol gevoerd.
Uitkomst: Het cassatieberoep is tijdig ingetrokken en de zaak wordt van de rol gevoerd zonder inhoudelijke behandeling.