ECLI:NL:PHR:2002:AE8178
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en eigen schuld bij verkeersongeval op T-splitsing nabij Schiphol
Op 20 oktober 1992 vond een verkeersongeval plaats op een T-splitsing nabij Schiphol tussen een motorfiets bestuurd door eiser en een bedrijfsauto bestuurd door een werknemer van Schiphol. Eiser liep ernstig letsel op. Eiser stelde dat de bestuurder van de auto door rood licht was gereden, wat Schiphol betwistte. De rechtbank wees de vordering van eiser toe, maar het hof beperkte de aansprakelijkheid van Schiphol tot 25%, waarbij het hof aannam dat eiser door rood licht was gereden en voor 75% eigen schuld had.
In cassatie werd onder meer de bewijslastverdeling en de toepassing van art. 213 Rv Pro (oud) betreffende partij-getuigeverklaringen besproken. De Hoge Raad bevestigde dat verklaringen van partij-getuigen zonder aanvullend bewijs geen bewijs kunnen opleveren, en dat deze regel niet strijdig is met het recht op een eerlijk proces zoals gewaarborgd door art. 6 EVRM Pro.
Verder werd geoordeeld dat het hof onterecht was uitgegaan van de stelling dat eiser door rood licht was gereden zonder dat dit voldoende was bewezen, en dat de bewijslast voor eigen schuld bij de partij ligt die onrechtmatig handelt en een beroep doet op eigen schuld. De billijkheidscorrectie werd besproken, maar het hof was niet gehouden deze ambtshalve toe te passen. De zaak werd verwezen naar een ander hof voor verdere behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak naar een ander hof voor verdere behandeling.