ECLI:NL:PHR:2003:AI0270
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verrekening pensioenrechten na overlijden ex-echtgenoot vóór verdeling gemeenschap
In deze zaak vordert eiseres tot cassatie betaling van een bedrag ter verrekening van pensioenrechten die haar ex-echtgenoot tijdens het huwelijk had opgebouwd. De echtscheiding vond plaats vóór de inwerkingtreding van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, zodat de verrekening volgens het arrest Boon/Van Loon moet plaatsvinden op basis van redelijkheid en billijkheid.
Eiseres stelt dat haar aanspraak op pensioenrechten een onvoorwaardelijke, gefixeerde vordering is die overgaat op de erfgenamen van haar ex-echtgenoot. De rechtbank en het hof oordeelden echter dat door het overlijden van de ex-echtgenoot vóór de verdeling van de gemeenschap de pensioenrechten en daarmee de aanspraak op verrekening zijn vervallen.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst erop dat de aard van pensioenrechten afhankelijk is van het leven van de pensioengerechtigde. De verrekening vindt plaats op het moment van de verdeling, en niet automatisch bij ontbinding van het huwelijk. Een onvoorwaardelijke vordering ontstaat slechts bij overeenkomst. Het beroep van eiseres wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat pensioenrechten vervallen zijn door het overlijden van de ex-echtgenoot vóór verdeling en niet kunnen worden verrekend.