ECLI:NL:PHR:2004:AO1332
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder wegens niet-nakoming koopovereenkomst tapijtwinkels
De zaak betreft de persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder van een Belgische vennootschap, CTC, voor het niet voldoen van de koopprijs aan IDAT na de overname van een keten tapijtwinkels. IDAT vordert betaling van het restant van de koopprijs en stelt dat de bestuurder onrechtmatig heeft gehandeld door het niet aanwenden van kredietfaciliteiten en het bewerkstelligen van liquidatie.
De Rechtbank wees de primaire vordering deels toe op grond dat de bestuurder de kredietverlening aan CTC heeft verhinderd. Het Hof vernietigde dit oordeel en wees de vordering af, onder meer omdat de bank niet zou hebben willen financieren na ontdekking van onregelmatigheden. IDAT kwam in cassatie tegen het Hofarrest.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof zijn taak als appelrechter heeft miskend door niet te onderzoeken of de bestuurder aansprakelijk is op grond van een vierde grondslag (liquidatie en onttrekking middelen). Tevens wijst de Hoge Raad op het toepasselijke Belgische recht voor het gezag van gewijsde en bevestigt dat de maatstaf voor bestuurdersaansprakelijkheid juist is toegepast. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest Hof en verwijst zaak terug voor nader onderzoek naar bestuurdersaansprakelijkheid.