ECLI:NL:PHR:2004:AO7003
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens nieuwe schulden en niet-naleving informatieplicht
Verzoekster was onderworpen aan een schuldsaneringsregeling die door de rechtbank definitief was vastgesteld. Een schuldeiser diende een verzoek in tot tussentijdse beëindiging van deze regeling wegens het ontstaan van nieuwe schulden en het niet voldoen aan verplichtingen.
De rechtbank beëindigde de regeling en stelde een curator aan, waarna het hof dit vonnis bekrachtigde. Het hof oordeelde dat verzoekster structureel onverantwoord gedrag vertoonde door onder meer het laten oplopen van verkeersboetes, het aangaan van abonnementen die zij niet kon betalen, en het niet melden van haar huwelijk aan de bewindvoerder.
Verzoekster kwam tegen dit arrest in cassatie met meerdere middelen, waaronder het betoog dat betaling van schulden mogelijk was door een schenking van haar moeder en dat het hof onvoldoende redenen had gegeven. De Hoge Raad verwierp deze middelen, bevestigde dat het hof terecht de regeling tussentijds had beëindigd en benadrukte dat het niet melden van het huwelijk een schending van de informatieplicht vormde die rechtvaardigde tot beëindiging.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens nieuwe schulden en niet-naleving van de informatieplicht.