ECLI:NL:PHR:2005:AT8318
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitleg omkoping door giften aan ambtenaren voor voorkeursbehandeling
In deze zaak stond verdachte terecht voor medeplegen van valsheid in geschrift en het doen van giften aan ambtenaren met het oogmerk om hen te bewegen in strijd met hun ambtsplicht iets te doen of na te laten. Het hof had verdachte veroordeeld voor het doen van giften, maar niet voor valsheid in geschrift.
Het geschil betrof onder meer de uitleg van art. 183 Sr Pro van het Wetboek van Strafrecht van de Nederlandse Antillen (SrNA), waarbij het hof oordeelde dat het strafbare doen van giften niet alleen ziet op directe tegenprestaties, maar ook op het doen van giften om een relatie met ambtenaren te onderhouden met het oog op voorkeursbehandeling.
De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel dat stelde dat het enkel onderhouden van een relatie niet als doen of nalaten in de zin van art. 183 SrNA Pro kan gelden. De Hoge Raad bevestigde dat het hof terecht ook het zorgdragen voor het gunnen van projecten aan verdachte als strafbare gedraging heeft aangemerkt. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van NAf 300,- voor het doen van giften aan ambtenaren met het oogmerk om hen te bewegen in strijd met hun ambtsplicht iets te doen of na te laten.